Het Brabantse dorp Oisterwijk
  en Operatie Market-Garden

326th Airborne Engineer Battalion

Op 29 september 1942 werd het bataljon samen met de 101ste Airborne Divisie verplaatst naar Fort Bragg in North Carolina.

Het bataljon nam daar deel aan alle trainingen en manoeuvres van de 101ste Airborne Divisie.

 

Na vertrek vanuit New York op 5 september 1943 op het schip de HMS Samaria kwam het 326ste aan in Liverpool in Engeland.

Na de langdurige overtocht verplaatste het bataljon zich per trein naar Basildon Park bij Reading in Berkshire.

Onder aanvoering van Lieutenant Colonel John Pappas begon het Bataljon hier met schiet oefeningen, verplaatsing in zweefvliegtuigen en technische training.

 

Het 326ste nam in juni 1944 deel aan de luchtlandings operatie in Normandie waarbij Lieutenant Colonel John Pappas tijdens gevechten op 13 juni 1944 omkwam.

Hij werd vervangen door Majoor Hugh A. Mozley die ook het bevel voerde in de later in de oorlog uitgevoerde operatie Market-Garden in Holland en gedurende het beleg van Bastogne in België tijdens het Ardennen Offensief van de Duitsers.

 

Het 326ste werd uiteindelijk na de oorlog in Duitsland  op 30 november 1945 ontbonden.

 

Toegekende decoraties:

 

Amerika :

2 Presidential Distinguished Unit Citations voor operaties in Normandie en Bastogne. Frankrijk :

War Cross with palms voor de operatie in Normandie.

Belgium :

2 War Cross and Lanyard voor de Bastogne operatie.  

Holland :

Lanyard Oranje uit Nederland voor operatie Market-Garden.

 

 

 

Lieutenant Colonel John Pappas
Major Hugh A. Mozley

Het 326ste werd op 23 July in 1918 aan het Amerikaanse leger toegevoegd als onderdeel van de 101ste Divisie maar werd op 11 December van datzelfde jaar weer ontbonden.

De compagnie werd weer opgezet op 24 juni 1921 als een genie bataljon.

Haar training vond plaats in Milwaukee in Wisconsin.

 

Op 15 augustus 1942 werd het bataljon een Airborne Engineer Bataljon (AEB) en werd het geactiveerd in Camp Clairborne in Louisiana.

 

De genisten van het 326ste vochten voor het grootste deel van de tijd verdeeld onder andere eenheden.

Bijvoorbeeld tijdens D-Day toen pelotons van Charlie Company per parachute samen met 501ste, 502de en 506de PIR landde(Parachutisten Infanterie Regiment).

Hun missie bestond voornamelijk uit het opblazen van bruggen om een Duitse tegenaanval te voorkomen.

De genisten waren experts in het opblazen, ze konden dingen bouwen maar wisten ook precies hoe ze het moesten opblazen.

Sommige genisten landde per zweefvliegtuig samen met een mini bulldozer die nodig was voor het vrijmaken van landingzones die waren versperd met ‘Rommels asperges’ (door de Duitsers ingegraven houten palen).

De rest arriveerde per troepenschip op het strand.

 

Tijdens operatie Market-Garden was Charlie company met één peloton ingedeeld bij het 506de PIR en met twee pelotons bij het 502de PIR.

Eén peloton van Baker company en één peloton van Able company waren ingedeeld bij het 501ste PIR.

Hun taak was (indien nodig) het bouwen van bruggen, maar uiteindelijk vochten ze de meeste tijd als infanteristen.

Hun andere taken waren onder andere het leggen van mijnen velden, het plaatsen van struikel draden met lichtkogels, en het bouwen van verdediging systemen.

 

Tijdens het Ardennen offensief vocht het 326 AEB als gehele eenheid en had ze haar eigen sector in de zuidelijke verdedigings zone van Bastogne.

Ze was niet alleen de eerste eenheid in Bastogne maar ook de eerste eenheid die Generaal Pattons tanks ontmoette welke een einde maakte aan de Duitse omcirkeling van Bastogne.

In Bastogne leed het 326ste haar meeste slachtoffers tijdens de oorlog en velen kwamen hier om.

 

 

 

326 monument
326 monument 1
326 monument 2

Dit monument voor de Filthy Thirteen in Normandie in Frankrijk is opgericht op 6 juni 2008.

Filty Thirteen was een ‘sloop’ peloton als onderdeel van de 506th Parachute Infantry Regiment, 101st Airborne Division met soldaten van het 326ste AEB.

Het behoorde tot de elite van dit onderdeel en was getraind voor complexe opdrachten.

In de nacht van 5 en 6 juni 1944 werden zij gedropt met de opdracht om de brug over de rivier de Douve te vernietigen.

Deze missie kostte uiteindelijk het grootste deel van deze eenheid het leven.

(klik op de foto’s om te vergroten)
Baker Company 2

De mannen van Baker company/326 Airborne Engineer Battalion/101 Airborne Division.

De foto’s zijn gemaakt in mei 1944 in Basildon Park, Engeland.

Op deze foto’s staan ook de inzittenden van het Waco zweefvliegtuig de Queen-City.

 

Op de middelste foto staan de officieren van Baker Company.

Geen van deze officieren overleefde de oorlog.

Van links naar rechts zijn het:

1: 1st Lt. Ray J. Hiltunen (omgekomen in Oisterwijk, Holland, 18 Sept, 1944).

2: C.O. Captain. Jack Rogers (omgekomen in Normandie, Frankrijk, Juni, 1944).

3: 1st Lt. Donald H. Froemke (omgekomen in Opheusden, Holland, 5 Okt, 1944).

2: 2nd Lt. John M. Mason (omgekomen in Opheusden, Holland, 7 Okt, 1944).

 

(klik op de foto’s om te vergroten)
Rechts, 1st. Lt. Ray J. Hiltunen
Baker Company
T/5. Robert J. LeMay
1st. Lt. Ray J. Hiltunen
T/5. Robert J. LeMay
1st. Lt. Ray J. Hiltunen
Baker Company 1
Pvt. Raymond L. Carson
1st. Lt. Ray J. Hiltunen
1st. Lt. Ray J. Hiltunen
Pvt. Raymond L. Carson
326 Airborne Engineer Battalion 1