Het Brabantse dorp Oisterwijk
  en Operatie Market-Garden

15e Schotse divisie bij Oisterwijk

Dr. Frans Anton Willem Marie
de Sain
1888-1959
Josephus M.M. V. Kemenade
Pastoor Parochie St. Petrus
Deken van het Dekenaat Oisterwijk
1897-1967

Dr. de Sain en pastoor van Kemenade wisten in de nacht van 25 op 26 oktober met gevaar voor eigen leven contact te leggen met militairen van de 15e schotse divisie die bij ‘De Hondsberg’ in de bossen van Oisterwijk hun kamp hadden opgeslagen.

De divisie rukte toen op vanuit Helmond na een rust periode naar aanleiding van gevechten rond Best.

Onder de naam operatie ‘Pheasant’ was het de bedoeling om via Oirschot hun doel, de stad Tilburg, te bereiken en te bevrijden.

Na Oirschot moesten de Schotten via Moergestel het dorp Oisterwijk zien te bereiken en innemen en vervolgens doorstoten naar het oostelijke deel van Tilburg.

De 2e Glasgow highlanders rukte als onderdeel van de 15e Schotse Divisie samen met een eskadron Scots Guards vanuit Moergestel op via de weg naar Tilburg waarna zij zich voor de nacht ingroeven op zo’n 3 km ten westen van Moergestel in de buurt van het trappistenklooster van Berkel Enschot.

Toen ze hier in de vroege avond mee klaar waren hoorde ze in de verte bij Oisterwijk mitrailleur en mortiervuur.

Daar waren op dat moment de 7e Seaforth Hihglanders in actie gekomen die tevens een onderdeel van de 15e Schotse divisie waren.

De  Seaforths waren daar vanuit Moergestel naar toe gestuurd versterkt met een groep Churchill tanks.

Ze moesten Oisterwijk en de bruggen over het riviertje de Voorste Stoom innemen om van daaruit een aanval op Tilburg te ondernemen.

 

Oisterwijk werd echter sterker verdedigd dan verwacht waardoor de opmars vertraging op liep.

De weg vanuit Moergestel was met bomen versperd en de brug over de Voorste Stroom bleek opgeblazen.

Er ontstonden al snel felle gevechten met de Duitse achterhoede die bij deze brug een verdediging hadden ingericht en diverse Schotse soldaten raakte bij de gevechten gewond.

De Schotten verwachtte er sterke Duitse tegenstand en dat de Duitsers Oisterwijk door zijn ligging op dat moment op het ‘slagveld’ met hand en tand zouden verdedigen en vermoedde daarom dat de Duitsers Oisterwijk hadden ontruimd van al zijn inwoners.

Om Oisterwijk toch snel te kunnen veroveren werden de 2e Glasgow Highlanders om 20.00 bij het Trappistenklooster weggenomen en als ondersteuning naar Oisterwijk gestuurd.

 

Om ongeveer één uur ‘s nachts kreeg Dokter de Sain in Oisterwijk het verzoek om bij een gewonde te komen aan de moergestelseweg.

De pastoor ging voor de zekerheid ook mee en samen kozen ze een route die hen naar een loopbruggetje achter de Catharinenberg bracht.

Dit bruggetje was niet opgeblazen en beide staken onbekend met de situatie aan de andere kant van de oever het bruggetje over.

Vervolgens gingen ze via een poortje door de tuinmuur van de Catharinenberg naar de Moergestelseweg.

Daar stuiten ze op een Churchill tank met zijn bemanning en een gewonde burger die verzorging nodig had.

Ze legde de commandant van de tank uit wie ze waren en waarom ze waren gekomen.

Deze stuurt ze na het aanhoren van hun verhaal samen met de gewonde burger door naar de Hondsberg waar hun bataljonscommandant, Luitenant-kolonel Campbell van de 2e Glasgow Highlanders en

Luitenant-kolonel Hunt, de commandant van de 7e Seaforth Highlanders hun kamp voor de nacht hadden ingericht.

 

De Dokter en de Pastoor lieten hen daar een kaartje van Oisterwijk zien waarop de dokter aantekeningen had gemaakt van Duitse stellingen en geschatte troepensterkte.

De commandanten werd voorts uitgelegd dat Oisterwijk werd verdedigd door ongeveer één bataljon Duitse gevechts soldaten.

Verder vertellen ze dat Oisterwijk in zijn geheel niet was ontruimd en dat er zelfs vluchtelingen uit de omliggende dorpen aanwezig waren.

Op dat moment waren er zo’n 5000 vluchtelingen in Oisterwijk waardoor het aantal inwoners op dat moment op zo’n 13000 personen uit kwam.

 

Luitenant-kolonel Hunt van de 7e Seaforth Highlanders, belast met de verovering van Oisterwijk, had die avond zijn laatste "O"-groep bijeenkomst (briefing waarbij de commandant de orders doorgeeft aan zijn ondergeschikten) al om 22.00 uur gehouden, opdat hij uiteindelijk over de meest actuele informatie dacht te kunnen beschikken vanwege de intensieve patrouilles die hij vroeg in de avond had uitgezonden.

Dokter de Sain en Pastoor van Kemenade wisten Luitenant-kolonel Hunt te vertellen dat er nóg twee mogelijkheden waren om de Voorste Stroom over te steken.

De ene was het loopbruggetje dat ze zelf genomen hadden en ongeveer honderd meter ten oosten van de vernielde verkeersbrug lag (Catharinenberg) terwijl de andere een kleinere verkeersbrug was die lichte bataljonsvoertuigen kon doorlaten en ongeveer één kilometer verderop lag in de richting van het oosten van het dorp (Gemullehoekenweg).

 

Luitenant-kolonel Hunt realiseerde zich dat hij door dit bericht hun plannen moest wijzigen en besloot tot een andere aanpak.

Hij veranderde ogenblikkelijk de schietposities van de artillerie en wijzigde de oorspronkelijke instructies voor zijn manschappen.

Hierdoor werd Oisterwijk verdere zware artillerie beschietingen bespaard en behoeden de dokter en de pastoor het dorp zo voor zware verwoestingen.

 

Luitenant-kolonel Hunt stelde voor om in de morgen over beide bruggen elk een geweer compagnie te sturen met ondersteuningsvuur van een eskadron van de Scots Guards.

Zijn doel was om een klein bruggenhoofd te slaan aan de andere kant van het riviertje tot aan de spoorlijn om daarmee dekking te hebben voor de bouw van een "class-40"- Baily brug.

Het zou pas mogelijk zijn voor zijn tanks om de Voorste Stroom over te steken nadat deze brug gebouwd was.

Dokter de Sain en Pastoor van Kemenade werd het verboden om nog naar Oisterwijk terug te keren.

Hun patiënt was intussen al naar Eindhoven overgebracht en dus verbleven ze die nacht als één

van de eerste bevrijde Oisterwijkers veilig in het Schotse kampement.

Dokter de Sain tijdens een oefening van het Rode Kruis op het spoorgebied in Oisterwijk in 1938.
Pastoor van Kemenade
De situatie van de geallieerde troepen rondom Oisterwijk eind Oktober.
Schotse Sherman tankbemanning tijdens hun
thee pauze voor de slag om Oisterwijk
in de bossen rond Oisterwijk.
De "class-40"- Bailey brug over de Voortse Stroom in Oisterwijk.
15th Schottish Division near Oisterwijk